![]() |
| Over Djiddo | Didgeridoo | Optreden | Lessen | Media | Foto's | Gastenboek | Links | Contact |
Wat is een didgeridoo? |
|
|
Een Didgeridoo, of kortweg Didge, is een muziekinstrument of blaasinstrument van de inheemse bevolking uit Australië; de Aboriginals. De naam didgeridoo is oorspronkelijk geen naam die Aboriginals gebruiken. Er zijn vele verschillende Aboriginal bevolkingsgroepen in Australië en daardoor zijn er veel traditionele namen voor het instrument. De naam didgeridoo hoort daar niet bij en komt van de blanke kolonisten. Er zijn twee theoriën over de oorsprong van het woord "didgeridoo": een onomatopee of een verbastering van Ierse woorden. |
|
Toen de Europeanen in Australië kwamen zagen ze in het noordelijk deel Aboriginals allerlei rare geluiden maken op een holle pijp.
De klank die ze hoorden leek wat op Did-zju-rrrie-doeh, Did-zju-rrrie-doeh, Did-zju-rrrie-doeh.
De naam voor het instrument was dus snel gevonden: Didgeridoo.
Als een voorwerp of een dier wordt genoemd/vernoemd naar de manier waarop het klinkt, wordt dat een onomatopee genoemd.
Zo heeft de vogel Koekoek ook zijn naam gekregen: Hij roept namelijk: "Koekoek! Koekoek!"
Eén van de theoriën over het woord "didgeridoo" is dus dat het een onomatopee is van omdat een van de ritmes klinkt als didgeridoo. Een andere theorie over de oorsprong van het woord didgeridoo zegt dat het een verbastering is van enkele Ierse woorden. De Ierse woorden dúdaire of dúidire (spreek uit "doedjerre") betekenen "trompetspeler, voortdurende pijproker, puffend of dreunend persoon". De woorden dubh en duth (spreek uit "doe") betekenen "zwart". Samengevoegd zou "dúdaire-dubh" (spreek uit "doedjerre-doo") betekenen: "een zwarte trompertspeler" of "en zwarte, voortdurend dreunend persoon". Er zijn zo'n 45 verschillende synoniemen voor didgeridoo en hieronder staan enkele inheems termen van de vele verschillende inheemse talen/dialecten: yirdaki, yidaki, yiraka, yirtakki, paampu, ngarrriralkpwina, wuyimba, gindjunggang, buyigi, artawirr, garnbak, gurrmurr, larrwa, ngaribi, martba, ilpirra, bambu. De laatste benaming geeft aan dat het instrument ooit van een bepaalde houtsoort is gemaakt. Daarover verderop meer. Het instrument is eigenlijk niets anders dan een boomstam of tak die van binnen hol is. Vroeger werd er bamboe of pandanus voor gebruikt. Deze houtsoorten hebben van nature een holle stam en met enkele "tussenschotten" die zich bevinden bij de ringen van het bamboe. Deze tussenschotten zijn er gemakkelijk uit te stoten met een stok of iets dergelijks. Later, toen betere gereedschappen beschikbaar werden, werden didgeridoo's van eucalyptus gemaakt. In souvenirwinkeltjes worden nog wel eens bamboe-didgeridoo's verkocht. Kan je best kopen, maar betaal er niet te veel voor, want vaak is de (geluids)kwaliteit matig. Tegenwoordig worden (echte) didgeridoo's gemaakt van eucalyptus. Eucalyptusbomen groeien van oorsprong alleen in Australië en het is een soort hardhout. Als je zo'n didgeridoo goed bekijkt, zul je in de lengterichting geen zaagsnede tegenkomen. Om de tak uit te hollen is de tak dus niet eerst doorgezaagd. Er is een natuurlijk proces waardoor de eucalyptusbomen hol worden. In Australië leeft een termietensoort, die het hout van de bomen tot pulp vermalen om het vervolgens te gebruiken voor het maken van nesten. Deze termieten hebben geen pigmenten in hun lichaam en zijn wit van kleur. Ze worden ook vaak "white ants" (witte mieren) genoemd. Omdat de termieten wit zijn, kunnen ze slecht tegen fel zonlicht (iets waar in Australië geen tekort aan is). De termieten zullen dus niet door de wand van het hout eten om zichzelf te beschermen. De termieten eten dus alleen de binnekant op en blijven zo beschermd tegen zonlicht. Om een didgeridoo van eucalyptus te maken zal een Aboriginal een eucalyptusbos inlopen, op zoek naar holle boomstammen/takken. Hij zal wat bast van een stam verwijderen en met zijn nagel tegen het hout tikken. Als hij een holle stam heeft gevonden, wordt deze omgehakt en op maat gemaakt (zo tussen de 1,30 en 1,80 m). Vervolgens wordt de binnekant bewerkt, door de tak schoon te maken (resten van termieten eruit), en eventueel verder uit te hollen met een stok, hete kolen of een beitel. Daarna wordt de buitenkant netjes afgewerkt door de bast weg te snijden en schaven. Als de tak dan een uiteinde heeft met een diameter van ongeveer 3 cm, dan is de didgeridoo in principe klaar. 3 cm is een mooie maat om met je mond te bespelen. Als de diameter groter is, wordt deze kleiner gemaakt met een ring van bijenwas; klaar! Eventueel wordt de didgeridoo voorzien van een mooie beschildering met traditionele dot-painting of rarrk-painting (kruislingse streepjes). Vaak worden hierbij slechts vier kleuren gebruikt: gele oker, rode oker, wit en zwart. Dit zijn de vier natuurlijke pigmenten die Aboriginals gebruiken. Hoe speel je op een didge?Er zijn grofweg vier geluiden die je kunt voortbrengen op een didge (met daartussen allerlei nuances):
De basistoon speel je door je lippen tegen het mondstuk te laten trillen. De meesten die voor het eerst een didge proberen te spelen, beginnen met gespannen lippen en gaan trompetteren: een hard toeterend geluid. Dat is niet direct fout, maar het is niet de manier waarop de didge wordt bespeeld. Deze toets worden wel gebruikt (zie het lijstje hierboven), maar het is meer een nuance om in een ritme te gebruiken. Het is dus niet echt fout, maar het is niet de basistoon. De lippen moeten dan ook niet worden gespannen, maar losjes trillen, zoals een klein jongetje doet als hij met zijn autootjes speelt. Als dit op de juiste manier wordt gedaan, klinkt er een zacht dreunend geluid. Tonggeluiden Door met je tong de mondholte kleiner te maken, gaat de toonhoogte van de drone (basistoon) omhoog. Als iemand naar een meisje fluit, gerbuikt diegene dezelfde techniek. Stemgeluiden Terwijl je met je lippen de basistoon maakt, is het mogelijk om je stembanden te gebruiken. Als je gewoon "aaa" of "eee" zegt, krijgt de basistoon een extra grommend geluid. Maar probeer ook eens je kopstem te gebruiken, dus héél hoge gilletjes te maken. Op deze manier geven veel didgeridoospelers variatie aan hun spel. Toeteren Zoals gezegd door je lippen aan te spannen. De drone zal overgaan in een toeterend geluid. Opdeze maniet kan je een leuke variatie in je spel maken. Circulair ademen Lijkt me wel makkelijk om af en toe in te ademen. Anders mag je blij zijn als je het spelen een halve minuut volhoudt. Om dit voor elkaar te krijgen, moet je, terwijl je in je didge blaast, door je neus inademen. Dit heet 'circulair ademhalen'. Met je mond moet je een soort doedelzak maken door je wangen bol te maken. Als je dan door je neus inademt, kun je de lucht die nog in je wangen zit in de didge blazen. Nou is dit makkelijker gezegd dan gedaan! Je kunt het eens proberen door in een wat dikker rietje in een glas met water te blazen (liever geen Cola, want dat gaat zo schuimen en geeft zo'n troep). Je kunt dan proberen om continu te blazen, terwijl je door je neus gewoon inademt (en misschien ook weer een beetje uitademt). Pas alleen op, dat je je niet verslikt. Een andere manier om het ademen te oefenen doe je bij voorkeur in de badkamer of op een zonnige dag in de tuin. Je vult je mond flink met water (je neemt dus een slok water zonder het door te slikken). Vervolgens begin je met het water langzaam (dus door je lippen maar een heeel klein beetje te openen) naar buiten te persen met je wang en je tong. Tegelijkertijd (en dat is het moeilijke) adem je in door je neus. Als dat lukt kun je het nog een keer doen, maar dan stop je als je mond nog halfvol is met inademen en blaas je de rest van het water uit je mond door weer je longen te gebruiken. Je ademt dan dus uit en spuit het water naar buiten. Als dat lukt dan doe je hetzelfde (zonder het water) op de didge. In het begint klinkt het voor geen meter. Vaak is het nog erger dan wanneer je voor het eerst didge probeerde te spelen, maar dat is een teken dat je het idee onder de knie hebt. Je kunt immers geluid maken tijdens het inademen!! Nu nog veel oefenen om het geluid weer gewoon te krijgen en vloeiend te laten klinken. Geluid uit een didge. Voordat je begint met circulair ademen is het wel zo fijn om eerst gewoon geluid uit een didge te krijgen. Circulair ademen probeer je meestal pas als het gewone geluid al goed uit je didge komt, met mooie boventonen enz. Je krijgt geluid uit een didge, door met je lippen een trillend geluid te maken. Je doet een beetje als een paard dat geluid maakt (en dan niet het hinikken, maar het 'snorten' of blazen). Als je daarmee geluid uit je didge krijgt, dan moet je nog proberen om zonder bolle wangen geluid te krijgen. Als dat lukt, dan moet je proberen je lippen iets of wat aan te spannen, door het begin van een glimlach te maken. Als je je lippen te strak aanspant, dan komt er geen geluid meer uit, of krijg je een soort trompet geluid. Als je het "mooie" geluid hebt, is het een kwestie van veel oefenen, proberen, experimenteren om het geluid altijd goed en mooi te krijgen. Je kunt ook aan D en T klanken gaan denken. Hierbij stopt het geluid heel kort, en als je het goed doet, begint de klank weer meteen. Om andere klanksoorten te krijgen, beweeg je je tong, je kaken, gebruik je je stem enz. Zelf een didgeridoo makenEerlijk is eerlijk: een “echte” didgeridoo is niet goedkoop. Om eerst eens te proberen of het instrument iets voor jou is, kun je beter een goedkope versie maken en proberen. Krijg je het beter onder de knie, kun je gaan denken om een durete kopen.PVC De makkelijkste manier om een didge te maken, is door naar de dichtstbijzijnde bouwmarkt te gaan en een PVC-regenpijp te kopen. Zo’n grijze, van 32mm of 40mm doorsnede. Zaag de didge op ongeveer 1,50 m. Vuistregel is: hoe langer de didge, hoe langer de toon (Let op: Dat is slechts een vuistregel). Sommige mensen kunnen op die doorsnede spelen zonder er een mondstuk op te maken, maar voor de meeste mensen is de opening te groot. Met wat bijenwas kun je de opening verkleinen tot een mondstuk. Over het mondstuk zodadelijk meer. Bamboe Een didge van bamboe is wat bewerkelijker. Hier is wat je moet doen. De meeste tuincentra verkopen bamboe. Nou is het vervelende dat de maten die verkocht worden niet echt gunstig zijn (meestal te dun, lijkt op riet). Als je een goede maat hebt gevonden (ongeveer het zelfde als in de omschrijving van de PVC-didge), kijk er dan eens door. Je zult zien dat er “schotten” in zitten. Deze moet je eruit slaan met een stok en eventueel verder wegwerken met een rasp (rasp aan een bezemsteel gebonden). Als de didge mooi hol is en de juiste afmetingen, moet je nog een mondstuk maken en klaar. Berenklauw Sommige mensen maken didgeridoo’s van berenklauw. Berenklauw is een plant met holle stammen. Het werkt goed, maar let op! Berenklauw is een plant die lelijke wonden kan geven als je “gestoken” wordt. Lange mouwen en tuinhandschoenen!! Mondstuk Het mondstuk helpt op meerdere manieren bij het spelen. Het maakt de opening (zo nodig) kleiner, zodat het makkelijker wordt om te spelen. Aangezien mondstukken van bijenwas worden gemaakt, zorgt het voor een “luchtdichte” afsluiting tussen je lippen en de didge. Een mondstuk maak je dus van bijenwas, dat je kunt kopen bij een reformhuis. Zorg dat je was koopt dat zo schoon mogelijk is (weinig paraffine en andere toegevoegde rommel). Vervolgens kun je een mondstuk op twee manieren maken. Maak een au-marie-bain (Pan warm water met daarin een schaaltje waarin de was wordt gesmolten) en doop de didge er steeds in. Even laten drogen en opnieuw. Zo groeit langzaam een randje was. Een ander manier is met een föhn de was smelten/kneedbaar maken en een mondstuk boetseren.
|
|
| - D J I D D O - | |